Liefde voor Muziek, gezien op VTM. Brief aan Ilse, Laura, Bart, Jan, Jonathan, Mich, Raf en Stef.

Gepubliceerd op 6 mei 2019 16:48

Beste Ilse,

Beste Laura,

Beste Bart,

Beste Jan,

Beste Jonathan,

Beste Mich,

Beste Raf,

Beste Stef,

 

Na elk seizoen van Liefde voor Muziek zei ik hetzelfde. Dit kan niet beter, dat zei ik. Dit was het beste seizoen, dat zei ik ook nog. Dat hield voor mij in dat een volgend seizoen niet echt meer hoefde. Stoppen op een hoogtepunt, dat is mooi. Bij het volgende seizoen zou ik afhaken. Niet omdat ik niet wou kijken. Angst zou mij van het scherm weghouden. Ik vreesde een afgang. Ik vreesde een dieptepunt. Herinneringen aan zo vele mooie momenten zouden besmeurd worden. Dat wou ik niet. Neen, ik zou niet kijken. Dat hield ik mij voor. Deze keer geen vijfde seizoen voor mij.

 

Toen werden de namen vrijgegeven. De namen voor het nieuwe seizoen. Ik las en knipperde met de ogen. Ik wist meteen dat ik moest terugkomen op mijn voornemen. Ik zou kijken. Ik moest kijken. Dit kon goed worden. Dit seizoen kon alle vorige in de schaduw zetten. Dit kon de beste keer worden. Er was gekozen voor een gezonde mix. Er was gekozen voor mooie stemmen. Jonge stemmen. Oudere stemmen. Nieuwe stemmen. Te herontdekken stemmen. Voor elk wat wils, zoals ze wel eens durven te zeggen. Voldoende diversiteit, zoals het in een maatschappij hoort te zijn.

 

Ik had geen twijfels meer. Ik stapte het vliegtuig op. Samen met jullie. Ik vloog naar Spanje. Ik zou jullie niet loslaten. Ik wou jullie niet loslaten. Ik zocht dus mijn kamertje uit. Ik liet jullie eerst kiezen. Ik zou mij tevreden stellen met het restje. Met het kamertje, dat niet gekozen werd. Luxe verlangde ik niet. Bij jullie zijn was genoeg voor mij. Dan wil ik het best met wat minder stellen. Ik zette mijn koffers aan de kant. Uitpakken zou voor later zijn. Ik haastte mij naar beneden. Ik wou zien hoe jullie met elkaar kennismaakten. Jawel, jullie kenden elkaar wel. Beroepshalve dan. Maar wie jullie werkelijk waren, dat wisten jullie niet van elkaar. Die gesprekken wilde ik horen. Dat aftasten. Zachtjes. Niet bruusk. Die zoektocht naar gemeenschappelijke dingetjes. Kleinigheden. Het was mooi te zien dat jullie naar elkaar opkeken. Het was mooi te horen dat jullie twijfelden. Dat jullie dachten niet thuis te horen in dit rijtje. Op zulke momenten van twijfel doen muzikanten wat muzikanten horen te doen. Zij gaan muziek maken. Dus gingen jullie aan de piano zitten. Jullie gingen improviseren. Jullie gingen zingen. Een tekst, geplukt uit het lukrake. Zomaar, uit het vuistje. Op dat moment keken jullie elkaar aan. Op dat moment wisten jullie dat het goed zou komen. Dat zag ik. Dat hoorde ik. Ik was tevreden. Ik ging naar mijn kamertje.

 

Elke avond dat er moest gepresteerd worden schoof ik mee bij. Niet in de zetels. Die waren voor jullie. Ik keek toe vanuit een hoekje. Net als jullie was ik nieuwsgierig. Ik wou weten wat jullie zouden doen met elkaars liedjes. Het moest een feest worden. Daartoe zouden jullie de elementen aanleveren. Dat was de betrachting. Er moest gelachen worden. Er mocht gehuild worden. Er moest gepraat worden. Er mocht gedanst worden. Er moest getroost worden. Er mocht geprezen worden. Alles mocht. Niks moest. Alles mochten jullie uitproberen om tot dat ene te komen. Schoonheid. Dat was jullie uiteindelijke doel. Schoonheid, dat enkel kan ontroeren.

 

Enkele feestavonden hebben we nu reeds achter de rug. Het waren telkens weer mooie avonden. Ik keek toe. Met een intense glimlach. Jawel, jawel, zo hoorde het te zijn. Ik kreeg het warm van binnen. Ik smolt. Vaak schoten de tranen mij in de ogen. Ik begreep wat er gebeurde. Iedereen deed zijn uiterste best. Niemand wilde ondergaan. Niemand wilde verzuipen. Dat kan ik begrijpen. Dat is een natuurlijke houding. Muzikanten willen overeind blijven op het podium. Dat deden jullie. Eén voor één. Ik kan en wil jullie geruststellen. Maar wat ik zo veel mooier vond, is dat jullie een hommage wilden brengen aan elkaars liedjes. Die liedjes waren voor jullie de ware hoofdrolspelers. Meer nog dan jullie. Daarom moest het goed zijn. Niet zomaar wat rommelen dus. Niet zomaar wat experimenteren. Ik luisterde en merkte telkens weer dat achter die enkele minuten heel wat vakmanschap schuil ging. Er was gewroet. Er was gezweet. Er was gepolijst. Er was geschaafd. Dat alles om het liedje in een juist jasje te krijgen. In een mooi jasje. Het lukte. Elke keer weer lukte het. Iedereen bracht op zijn wijze een juiste versie. Een rauwe versie. Een tedere versie. Een ontroerende versie. Een verrassende versie. Elke versie had zijn plaats. Zijn moment. Daar in Spanje waren enkel de juiste mensen. Waren enkel de juiste plaatsen. Waren enkel de juiste momenten.

 

Liefde voor Muziek doet wat muziek moet doen. Het verenigt. Het brengt mensen samen. Rond een fictief kampvuur zingen we. Spelen we gitaar. We amuseren ons. We genieten. Zonder ons die ene vraag te stellen. Zonder ons af te vragen of het wel de juiste muziek is. Want wat is die juiste muziek? Die bestaat niet. Er is enkel muziek. Dat hokjesdenken bestaat enkel in onze hoofden. Jullie slopen die muren in onze hoofden. Jullie laten alles door elkaar stromen. Jullie laten alles samenkomen. Jullie laten alles samenkomen op één avond. Een maandagavond. Daarvan getuige te mogen zijn is heerlijk. Ik geniet. Eén uur lang. Eén uur lang ben ik van de wereld. Ik hoor niks meer om mij heen. Ik zie niks meer om mij heen. Ik ben in Spanje. Bij jullie.

 

Het afscheid valt mij zwaar. Ik wil niet gaan. Ik wil dat het blijft voortduren. Ik wil dat jullie telkens weer dat podium op stappen. Dat jullie een teken geven aan die muzikanten achter jullie. Dat jullie graag nog eentje willen spelen. Nog ééntje willen zingen. Dat wil ik. Elke keer weer. Maar dat gaat niet. Een televisieprogramma heeft zo zijn wetten. Eén van die wetten is dat er een begin moet zijn. Dat er een einde moet zijn. Dat hoort zo. Geen uitzonderingen. Ik neem dus afscheid. Bij dat afscheid wil ik al vooruitsnellen naar de volgende afspraak. De volgende maandag. Maar alles heeft zijn tijd. We moeten rustig gaan. Niet rennen. En toch. En toch. Als het terug maandag is, valt er een zekere rust over mij. Want ik weet dat ik opnieuw een afspraak heb met jullie.

 

Beste Ilse. Beste Laura. Beste Bart. Beste Jan. Beste Jonathan. Beste Mich. Beste Raf. Beste Stef. Ik wil jullie danken. Eén voor één. Jullie schenken mij mooie avonden. Jullie schenken mij mooie melodieën. Jullie schenken mij een mooie reis. Dat laatste enkel in mijn hoofd. Maar zelfs reizen in mijn hoofd is meer dan prachtig. Van harte bedankt voor dat alles.

 

Met vriendelijke groeten.


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Nathalie
5 maanden geleden

Maar Stef Kamil blijft toch de beste! Wat een muzikant! En wat een zanger! :-)