Uitgelezen: Het begin van mijn leven was toen ik nog niet bestond. Brief aan Faitima, Helen, Janne en Michèle.

Gepubliceerd op 3 augustus 2022 om 13:19

Beste Fatima,

Beste Helen,

 

Beste Janne,

Beste Michèle,

 

Heel waarschijnlijk zouden wij elkaar nooit tegen het lijf gelopen hebben.  Heel waarschijnlijk zouden wij elkaar nooit ontmoet hebben.  Ik zou dit met grote zekerheid luidop kunnen verkondigd hebben.  Niemand zou mij tegenspreken.  Maar dan zou ik voorbijgaan aan de wonderlijke effecten van een boek.  Een boek kan dingen verwezenlijken.  Een boek kan de meest onwaarschijnlijke dingen tot werkelijkheid maken.  Uw boek herinnerde mij aan die wetmatigheid.  Uw boek stelde u aan mij voor.  Uw boek verleende mij toegang tot uw leven.  Tot uw wereld.  U liet mij een wereld binnenstappen die mij onbekend was.  Alleen al daarom ben ik u eeuwig dankbaar. 

 

Maar er zijn meerdere redenen dan enkel die eeuwige dankbaarheid om u deze brief te schrijven.  Bij het lezen van uw boek moest ik vaak terugdenken aan een ander boek dat ik las, De ondankbare vluchteling van Dina Nayeri.  In dat boek las ik een citaat van Warsan Shire.  In een gedicht schrijft zij dat niemand zijn huis verlaat tenzij dat huis de bek van een haai is.  Uw huis was de bek van een haai.  U schrijft over de redenen waarom u als zestienjarige besluit te vluchten.  U schrijft over de redenen waarom u uw ouders achterlaat.  U schrijft over de redenen waarom u uw familie achterlaat.  U schrijft over de redenen waarom u vertrekt zonder geld.  Zonder kansen.  Zonder toekomst.

 

Het migratiedebat beroert mij.  Dat debat raakt mij diep.  Omdat ik mij realiseer dat het debat op een foutieve wijze wordt gevoerd.  De framing zit verkeerd.  Er wordt te gemakkelijk gesproken over gelukzoekers.  Alleen al dat woord maakt mij triest.  Alleen al dat woord maakt mij kwaad.  Het gebruik van dat woord wijst op een totaal gebrek aan inbeelding.  Op een totaal gebrek aan verbeelding.  Wij bekijken het debat al te veel door een westerse bril.  Die bril maakt ons blind.  Die bril maakt ons doof.  Jawel, die bril maakt ons gevoelloos.  Die bril doet ons een beleid verdedigen dat niet te verdedigen valt.  Daarom dat ik zo blij ben met uw boek.  Omdat uw boek benoemt.  Omdat uw boek duidt.  Omdat uw boek tot begrip leidt.  Enkel en alleen daarom zou uw boek door iedereen moeten gelezen worden.  Het zou harde standpunten net iets minder hard kunnen maken.  Het zou inhumane standpunten net iets meer humaan kunnen maken.  Wat uw boek zou kunnen doen, is een zekere mildheid in het debat brengen.  Indien uw boek dat zou kunnen bewerkstelligen, zou ik een gelukkig man zijn.

 

Eindelijk hoor ik de stem van een vluchteling.  Een stem, die al te vaak afwezig is in het migratiedebat.  Ik lees wat het betekent vluchteling te zijn.  Ik lees wat het betekent als vluchteling geboren te worden.  U geeft die antwoorden.  In korte zinnen.  In eenvoudige woorden.  Net op die manier klinken uw woorden nog luider.  Dringen ze nog dieper binnen.  U beperkt zich tot de essentie.  Waardoor de lezer niet wordt afgeleid door details.  Details die het verhaal zouden kunnen verzachten.  Zouden kunnen verbloemen.  U vertelt uw verhaal.  Zoals het is.  Niet gepimpt.  Niet opgesmukt.  Dat blijkt een goede keuze te zijn.  Uw verhaal komt binnen.  Hard.  Rauw.

 

U schrijft over liefde.  Over geluk.  Over vrijheid.  U schrijft over vernedering.  Over intrafamiliaal geweld.  Over misbruik en mishandeling.  U schrijft over uw vlucht.  Te voet.  Met auto’s.  Met bootjes.  Per trein.  Al zwemmend.  U schrijft over de snelheid waarmee u het grote leven leerde kennen.  U sloeg het kleine leven over.  Dat lijkt de consequentie te zijn van het overleven.  Ik lees dit alles en kan enkel maar denken aan mijn bevoorrechte positie.  Ik moet denken aan de tijd dat ik zestien jaar was.  Dat is alweer een tijdje terug.  Maar toch.  Op die leeftijd wist ik nog niks van het leven.  Ik was zonder zorgen.  U staat in een heel andere situatie.  Met uw boek staat u mij toe dat te ontdekken. 

 

Uiteindelijk komt u terecht in België.  Halleluia, het beloofde land.  Maar dat is het niet.  Niet alles is peis en vree.  U moet opnieuw aan de slag.  U moet een eigen weg zoeken en vinden.  Dat doet u.  Met de hulp van hulpverleners.  Met de hulp van leerkrachten.  Met de hulp van mensen die geleidelijk aan vrienden worden.  Dat te mogen lezen is hartverwarmend.  Het feit dat mensen zich ontfermen over u doet mijn hart gloeien.  Een traan wordt een lach.  Een lach waarin hoop kan gelezen worden.

 

Het begin van mijn leven was toen ik nog niet bestond.  Ik begrijp het.  De plek waar uw wieg staat, bepaalt een deel van uw leven.  Een groot deel.  U zou dat kunnen aanvaarden.  U zou zich bij die vaststelling kunnen neerleggen.  U hebt dat niet gedaan.  U hebt gekozen uw rug te rechten.  U hebt gekozen de uitdaging aan te gaan.  U hebt gekozen uw toekomst in eigen handen te nemen.  Die keuze vraagt moed.  Die keuze vraagt durf.  Voor die keuze kan ik enkel respect hebben.

 

Beste Fatima.  Beste Helen.  Beste Janne.  Beste Michèle.  Ik las uw boek.  Op een bijna poëtische wijze vertelt u een levensverhaal.  Schetst u een rauwe werkelijkheid, waarin ook momenten van geluk schitteren.  Die momenten toont u ook.  Waardoor het verhaal bijna in balans komt.  Het feit dat u dat evenwicht kan tonen, doet mij vermoeden wat voor een krachtige persoonlijkheid u bent.  U omarmt het leven en net omdat u het leven omarmt, hebt u kunnen doen wat u gedaan hebt.  Voor uw sterke en pakkende getuigenis wil ik u uitermate danken.  Dank dus.  Dank.

 

Met vriendelijke groeten.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.