Is het een vogel? Is het een vliegtuig? Brief aan Wout Van Aert.

Gepubliceerd op 6 juli 2022 om 10:09

Beste Wout,

 

Drie tweede plaatsen op rij.  Wat volgt, moet u mij vergeven.  Ik ging twijfelen.  Het verlies zou zich in uw hoofd vastzetten.  Datzelfde verlies zou u immobiliseren.  Dat is wat ik dacht.  Zoals ik al schreef, u moet het mij vergeven.  Een kampioen moet winnen.  Dat is wat een kampioen zichzelf oplegt.  Dat is wat de fans van een kampioen verwachten.  Als dat niet gebeurt, kunnen rare dingen gebeuren.  Om die vloek van het verlies te breken, kan een kampioen gekke sprongen maken.  Bijzonder gekke sprongen.

 

Het zou een rustige rit worden.  Met aan het einde een massaspurt.  Alleen was er die klim.  Tien kilometer voor de aankomst.  Dat zou een verschil kunnen maken.  Op die klim zouden rare dingen kunnen gebeuren.  Analisten schreven mogelijke scenario’s uit.  Uw ploeg schreef mogelijke scenario’s uit.  Waarin u telkens een hoofdrol zou spelen.  Scenario’s uitschrijven is makkelijk.  Scenario’s vertalen naar de werkelijkheid is een ander paar mouwen.

 

Ik zat voor het scherm.  Ik keek.  Aanvankelijk met weinig aandacht.  Het kabbelde.  Er werd gedold.  Er werd gelald.  Boeiend was het evenwel niet.  Het leek alsof iedereen wachtte tot die laatste klim.  Alsof iedereen besefte dat alles zou gebeuren op die laatste klim.  In aanloop naar die klim zag ik de geelbruine pionnetjes naar voren schuiven.  U werd omringd.  U werd beschermd.  Uw geel schitterde tussen uw ploegmaten.  U had mijn volle aandacht.  Want ik wist, nu ging het gebeuren.  Ik ging mij rechtop zetten.  Op het randje van mijn stoel.  Het zou kletteren, dat wist ik.  Wat ik niet wist, was wat zou volgen. 

 

Het sloopwerk begon meteen.  Er werd niet getalmd met die sloophamer.  Die hamer ging wild tekeer.  Eerst plaatste Nathan Van Hooydonck zich aan het hoofd van het peloton.  Ik zag het gebeuren.  Hier zouden slachtoffers vallen.  Dit zou geen schooluitstapje worden.  Het peloton versplinterde.  Bijna meteen.  U zou nu kunnen achterover leunen.  Dat leek evenwel niet in uw script te staan.  Het slopen ging gewoon voort.  Nog harder.  Nathan ging aan de kant.  Zijn werk zat erop.  Tiesj Benoot werd in stelling gebracht.  Niemand leek nog te kunnen aanklampen.  Slechts enkelen hielden vol.  Op de tanden bijtend.  Niet gelovend wat hier gebeurde.  U gaf een nieuwe betekenis aan het werkwoord ‘slopen’.  Tiesj had gedaan wat van hem verwacht werd.  Hij mocht gaan ‘rusten’.  Nu kwam u aan zet.  U deed gewoon voort.  U zette het werk van uw teamgenoten gewoon voort.  U ging hard.  U ging heel hard.  De twee dappersten, die nog net konden aanklampen, moesten nu lossen.  U keek heel even achterom.  Om te zien wat gebeurd was.  U reed alleen.  Even las ik in uw ogen die aarzeling.  Die korte aarzeling.  Doorgaan of wachten? Doorgaan, riep ik u toe.  Niet wachten, voegde ik er snel aan toe.  U leek mij te horen.

 

Kampioenen aarzelen niet.  Die doen.  Die handelen.  Dat leek u te beseffen.  U ging aan de slag.  U sloeg de handen aan de ploeg.  U begon aan uw tijdrit.  Tien kilometer lang.  Aan zestig kilometer per uur.  Ik kon het niet geloven toen ik zag hoe hard u ging.  Maar uw snelheid werd telkens weer bevestigd.  Dit was werkelijkheid.  Ik keek naar superWoutman.  U hield een jagend peloton op afstand.  Op voldoende afstand.  U verzwakte niet.  U ging door.  U vloog.  Heel even wist ik niet of het een vogel was.  Of het een vliegtuig was.  Het was geen van beide.  Het was Wout.  Ik keek naar u. 

 

U kwam over de meet.  Als eerste.  U had de ban gebroken.  Ik sprong recht.  Vanuit mijn stoel.  Ik applaudisseerde.  Ik riep u toe.  Ik juichte.  Ik maakte een vreugdedansje.  Op dat moment begreep ik waarom mensen naar wielrennen kijken.  Waarom mensen uren naar een televisiescherm staren.  Waarom mensen langs de baan staan en hun idolen toeschreeuwen.  U deed mij dat alles begrijpen.  Mensen willen verhalen.  Waarin helden de hoofdrol spelen.  Mensen willen het gewone voor heel even vergeten.  Willen kijken naar het buitengewone.  Naar dat wat het gewone ver overstijgt.  U deed mij dat beseffen.  U deed mij dat ten volle beseffen.  U schrijft verhalen.  Waarin de grootste emoties worden bespeeld.  Gisteren keek ik naar één van die verhalen.  Waarvan u de belangrijkste auteur was.  Nadat u over de meet was gekomen, moest ik het aan iedereen vertellen.  Ik moest uw geschreven verhaal doorvertellen.  Om mijzelf te overtuigen dat wat ik gezien had ook wel degelijke werkelijkheid was.  Want een mens zou gaan twijfelen bij het kijken naar iets buitenaards.  Na uw ritwinst wist ik het.  Koning, keizer, admiraal, Wout kennen zij nu allemaal.

 

Beste Wout.  Ik wil u danken.  Omdat u mij opnieuw deed geloven dat wielergoden soms werkelijk kunnen bestaan.  Omdat u mij opnieuw deed geloven dat superhelden soms werkelijk kunnen bestaan.  Omdat u mij opnieuw deed geloven dat wielrenners soms werkelijk buitenaardse wezens kunnen zijn.  Daarom dus, van harte bedankt.

 

Met vriendelijke groeten.

Reactie plaatsen

Reacties

Nancy Segers
2 jaar geleden

Dit is een korte
Echte supporters blijven ALTIJD achter zijn sporter staan,in mindere tijden en in tijden dat hij wint.
Zo hoort het toch.