130 oftewel Europees geblablabla. Brief aan Ursula von der Leyen en Charles Michel.

Gepubliceerd op 3 mei 2021 om 12:45

Beste Ursula,

Beste Charles,

 

Ik begrijp het niet. Daarom dat ik u deze brief schrijf.  Ik wil mijn onbegrip duiden.  Een onbegrip dat tot kwaadheid leidt.  Een kwaadheid die wordt gevoed door wat om mij heen gebeurt.  Ik kijk om me heen en registreer.  In dat registreren voel ik al te vaak de pijn van anderen.  Het lijden van anderen.  Een pijn en lijden dat ik wil temperen maar waartoe ik niet de macht heb.  Dat te moeten beseffen maakt mij boos.  Maakt mij kwaad.

 

Heel waarschijnlijk vraagt u zich nu af waarom ik mij met deze brief tot u richt.  U hebt het druk de laatste tijd.  U moet het sofa incident een plaats geven.  Een oplossing voor dit wereldomvattende probleem moet gevonden worden.  Geschonden blazoenen moeten opgepoetst worden.  Die zoektocht naar een voor beide partijen bevredigende oplossing neemt tijd in beslag.  Meer nog, die zoektocht verblindt u.  In die mate dat u niet opmerkt wat aan de buitengrenzen van Europa gebeurt.  Sta mij daarom toe het even in herinnering te brengen.  Ik zal een update brengen.  Zodat u kan vaststellen dat de wereld blijft doordraaien terwijl u zich bezondigt aan egoïstisch navelstaarderij.  Terwijl u nog steeds niet het feit verwerkt hebt dat u geen stoel werd aangeboden of dat u niet reageerde op het ontbreken van die ‘noodzakelijke’ stoel, sterven aan uw grenzen mensen.  In de Middellandse Zee.  Mannen, vrouwen en kinderen.

 

Ik herhaal dus nog even de feiten.  Om 9.51 uur stuurt Alarm Phone een eerste mail met de coördinaten van een rubberboot in nood naar Frontex, naar de Verenigde Naties, naar ngo-schepen en naar de kustwachten van Italië en Malta.  Niemand reageerde.  Of ja, toch wel.  Een verkenningsvliegtuig van Frontex werd gestuurd en er werd doorverwezen naar de Libische kustwacht.  Honderd dertig mensen in nood en dat was het enige wat de Europese autoriteiten deden.  Waar het eigenlijk op neerkwam is dat de noodoproepen werden genegeerd.  Terwijl u zich bekommerde om een zitje, stierven 130 mensen een te vermijden dood.  Zij stierven de verdrinkingsdood.

 

Die passiviteit maakt mij kwaad.  Indien het de eerste keer zou zijn, zou u dat nog als verschoningsgrond kunnen aandragen.  Helaas, het was niet de eerste keer.  In het verleden gebeurde het nog.  Meermaals.

 

U hebt de mond vol over de mensenrechten.  Over de Europese waarden en normen.  Die rechten, waarden en normen gebruikt u telkens als u met het beschuldigende vingertje wijst.  Als u andere landen en regimes vermanend terechtwijst.  Alsof u de hoeder bent over wat goed en rechtvaardig is.  Na wat vorige week gebeurde, geloof ik u niet meer.  Uw woorden klinken hol.  Klinken leeg.  Wanneer woorden hun betekenis verliezen, kunnen zij ook niet langer gebruikt worden.  Met uw handelen kiepert u die woorden in de vuilnisbak.  Na vorige week kan ik enkel vaststellen dat uw eigen handelen niet moet gedragen worden door die Europese waarden en normen.  Niet moet gedragen worden door de mensenrechten.

 

In uw verweer zal u zonder enige twijfel verwijzen naar het feit dat u de Libische kustwacht contacteerde.  Net daarin ligt mijn verontwaardiging.  Heel waarschijnlijk denkt u dat u juist handelde.  Dat deed u niet.  Net als mij weet u dat de internationale gemeenschap Libië niet erkent als een veilige plek.  Ook Europa doet dat niet.  In een reactie op de gebeurtenissen zei Flavio Di Giacomo, de Italiaanse woordvoerder van de Internationale Organisatie voor Migratie van de Verenigde Naties, dat Europa op die manier migranten terugstuurt naar de Libische hel.  Door te verwijzen naar de hel herinnert hij ons aan de weerzinwekkende verhalen over de foltering en het misbruik in de Libische detentiekampen.  De hel en de Europese normen en waarden lijken mij moeilijk verenigbaar.  U kan aanvoeren dat u op papier een oplossing hebt.  In de praktijk kunnen we enkel vaststellen dat uw beleid voor nog meer lijden zorgt.

 

Heel waarschijnlijk zal u in uw verweer ook verwijzen naar het zogenaamde aanzuigeffect.  Dat populistische verweer is zonder enige grond.  Het is een dooddoener.  Bedoeld om angst te zaaien over niet te controleren immigratiegolven.  Nochtans blijkt uit cijfers dat er geen verschil is.  Of er ngo-schepen zijn of niet, cijfers tonen aan dat er evenveel mensen vertrekken.  Dit fake argument is enkel en alleen bedoeld om ngo’s verantwoordelijk te laten lijken voor het verergeren van de vluchtelingencrisis.  Het feit dat u desondanks blijft vasthouden aan dat niet onderbouwde argument doet mij besluiten dat u de politieke moed ontbeert om tegen dit extreemrechtse narratief in te gaan.  Dit debat is te belangrijk om gekaapt te worden door mythes.

 

Het voorbije drama doet mij vragen om eindelijk te doen wat u al zolang belooft.  U zou de buitengrenzen versterken en tezelfdertijd zou u legale toegangswegen creëren.  Ik kan enkel vaststellen dat uw beleid zich enkel focust op het versterken van de buitengrenzen en van Fort Europa meer en meer een niet te ontkennen realiteit maakt.  Uw zorg om legale toegangswegen blijft steken in al te vage voornemens.  Ik moet tot mijn spijt vaststellen dat Fort Europa op die manier werk verschaft aan de vele mensensmokkelaars.  U geeft die mensensmokkelaars bestaansrecht.  Ik moet tot mijn spijt vaststellen dat Fort Europa op die manier te gammele bootjes de zee opstuurt.  Dat zijn de feiten.  Indien u dat ontkent, kan ik u enkel een gebrek aan fantasie en inleving verwijten.  Ik las het boek van Dina Nayeri, De ondankbare vluchteling.  Daarin verwijst zij naar een gedicht van Warsan Shire.  In dat gedicht schrijft Shire dat niemand zijn huis verlaat tenzij dat huis de bek van een haai is.  Als dat huis de bek van een haai is, stappen vluchtelingen in zeeonwaardige bootjes.  Als dat huis de bek van een haai is, zijn vluchtelingen bereid de grootste risico’s te nemen.  Dan zijn zeeën geen barrières meer.  Dan zijn te hoge muren geen hindernissen meer.  Want wat in de toekomst ligt, is altijd veel beter dan wat in het verleden ligt.  Dat moet u inzien.  Dat moet u begrijpen.  Pas dan kan u een humaan beleid voeren.  Anders blijft u vaststeken in populistisch gewauwel.  Anders blijft u dat populistisch gewauwel napraten.  Anders voert u een beleid zoals het vandaag gevoerd wordt.

 

Beste Ursula.  Beste Charles.  Ik vraag u om politieke moed tentoon te spreiden.  Zodat we niet ter plaatse blijven trappelen.  Zodat we ons zelf niet blijvend verstikken in een kil en inhumaan beleid.  Zodat u eindelijk weer het morele gezag van Europa kan herstellen.  Zodat u eindelijk weer de Europese normen en waarden inhoud geeft.  Zodat u eindelijk weer mensenrechten betekenis geeft.  Als u dat zou doen, zou u eindelijk bewijzen dat Europa wel degelijk het lichtende voorbeeld kan zijn.  Ik leef in hoop.

 

Met vriendelijke groeten.

Reactie plaatsen

Reacties

Ludwig Vandenhove
3 jaar geleden

Volledig akkoord.
Wat mij het meest treft, is dat de media tegenwoordig zelf geen aandacht meer schenken aan dat soort gebeurtenissen, waardoor telkens weer zoveel vluchtelingen -MENSEN- sterven.
Foei!

Peter De Moudt
3 jaar geleden

dit kan ik alleen maar bijtreden en dan denk ik plotseling aan Mvr. Merkel die zegt: wir shaffen das.

Bart Elsen
3 jaar geleden

Sterk betoog, Wim.
Europa licht Libië in bij een dreigend bootfiasco. Het is alsof je een pyromaan belt om een brand te blussen. En jij blijft dan op je stoel zitten. Een café-terrasstoel weliswaar, want dat is nu blijkbaar ons grote vrijheidssymbool. Hilarisch.

urbain
3 jaar geleden

Auteur van deze bijdrage?