Uitgelezen: Passage Pyreneeën. Brief aan Sarah De Vlam.

Gepubliceerd op 15 april 2021 om 12:54

Beste Sarah,

 

Boeken komen op mijn pad.  Eens op mijn pad moeten ze gelezen worden.  Zo is het.  Zo werkt het.  Ik heb het nooit anders geweten.  U zou het kunnen beschouwen als de normale gang van zaken.  Maar, zoals u weet, zijn er altijd die uitzonderingen.  Uitzonderingen, die maken dat ik zelf op zoek ga naar een boek.  Ik verlaat dan die eerder passieve, afwachtende houding.  Dat is wat gebeurde met uw boek.  Naar uw boek ging ik op zoek.  Daartoe had ik zo mijn redenen.  Persoonlijke redenen.  Het verhaal, dat u brengt, is het verhaal van mijn moeder.  Bij het begin van de Tweede Wereldoorlog vluchtte zij.  Samen met haar ouders en broers.  Zij vluchtten tot in Brugge.  Om na enkele dagen terug te keren naar huis.  Mijn moeder had mij dat verhaal verteld.  Meerdere keren.  Maar ik wou het grotere verhaal kennen.  U zou mij dat vertellen.  Daarom wou ik dus uw boek lezen.  Toch was het niet enkel daarom.  Er was nog die andere reden.  U voerde mij terug naar eind jaren zeventig.  In de vorige eeuw.  Als tienjarig ventje keek ik elke zondagavond naar Ontsnappingsroute.  Elke zondagavond zag ik hoe het Belgische verzet Engelse piloten in veiligheid bracht.  Elke aflevering was boeiend.  Spannend.  Als grote vent wou ik het grotere verhaal kennen.  U zou mij dat vertellen.  Daarom wou ik dus uw boek lezen.

 

Het grotere verhaal.  Dat brengt u.  Omdat u hebt vastgesteld dat er bijna geen literatuur over de Belgische vluchtelingen bestaat.  Dat verhaal lijkt afwezig te zijn in ons collectief geheugen.  U komt tot dat besef in een museum.  In Spanje.  In Sort.  U verwacht daar het verhaal van de republikeinse Spaanse vluchtelingen te horen.  Te zien.  Te lezen.  Maar wat u krijgt, is het verhaal van anderen.  Anderen die net de omgekeerde beweging maakten.  Joden, Fransen, Belgen, Nederlanders, Canadezen, Engelsen en Amerikanen trokken de Pyreneeën over naar het neutrale Spanje in de hoop zo de vrije wereld te bereiken.  Een eerste zaadje voor uw boek was geplant.  Alles komt in een stroomversnelling met een beursaanvraag voor onderzoeksjournalistiek.  Eén van de voorwaarden voor de aanvraag is dat het verhaal zich moet afspelen in minstens twee Europese landen.  U hebt uw verhaal.  Een beurs krijgt u niet.  Maar u weet wat te doen.  U gaat aan het werk.  U zal het verhaal brengen van de Belgische vluchtelingen.

 

Elkeen had zo zijn redenen om te vluchten.  Sommigen vluchtten omwille van het Joods zijn.  Anderen vluchtten om naar Engeland te gaan en daar aan te sluiten bij de geallieerde legers.  Nog anderen vluchtten dan weer omwille van actief verzet en het feit dat de Duitsers hen op de hielen zaten.  Voor elk van die drie types brengt u het verhaal van één specifiek iemand.  U brengt het verhaal van Pola.  Van Jean.  Van Henriette.  Zij worden uw kapstok waaraan u uw verhaal zal ophangen.  Aan die verhalen worden andere verhalen gelinkt.  Worden overpeinzingen gelinkt.  Worden diverse problemen van het vluchten gelinkt.  Via het verhaal van uw drie hoofdfiguren trekt u alles breder.  Om zo het totale plaatje te schetsen.  Te vertellen.

 

Ik lees het verhaal van ontsnappingslijnen.  Van verzetslieden.  Van solidaire Belgische, Franse en Spaanse burgers.  Van betrouwbare gidsen en smokkelaars.  Ik lees het verhaal verraders en bedriegers.  Van arrestaties.  Van spionnen.  Ik lees het verhaal van barre tochten.  Van schuilen.  Van passeurs.  Van prijskaartjes.  Ik lees het verhaal van Pétain.  Van Franco.  Van Salazar.  Ik lees het verhaal van de Belgische diplomatie in Spanje en Portugal.  Van de Belgische regering in ballingschap in Londen.  Ik lees het verhaal van de brigade Piron.  Van de Patriotic School in Londen.  Van geheim agenten.  Ik lees het verhaal van concentratiekampen.  Van vluchtelingenkampen.  Van Rivesaltes.  Van Miranda de Ebro.  Dat grotere verhaal vertelt u ons.  Via Pola.  Via Jean.  Via Henriette.  Het lijkt wel alsof zij de spreekbuis zijn van vele duizenden.  Vele duizenden die pas nu in het voetlicht durven te treden.  U gaf hen dat podium.  Uw was die noodzakelijke geluidsversterker.

 

Lange tijd heb ik gedacht dat die verzetsmannen en-vrouwen uit Ontsnappingsroute televisiehelden waren.  Maar dat blijkt zo niet te zijn.  Het zijn echte helden.  Helden van vlees en bloed.  Dat besef ik nu.  Na het lezen van uw boek.  Nu weet ik eindelijk dat de dramaserie gebaseerd is op ware gebeurtenissen.  Die de bedenker ontleende aan de Belgische verzetsgroep Komeetlijn.  Het verhaal van die verzetsgroep brengt u ook. 

 

Ik raak ontroerd door die vele portretten.  Door die mensen die het verschil maakten.  Die in moeilijke tijden moeilijke keuzes durfden te maken.  Ik raak ontroerd door hun moed.  Door hun zelfopoffering.  Door hun solidariteit.  Zij kenden de mogelijke consequenties van hun keuze.  Toch zetten zij door.  Heel misschien hebben zij ooit getwijfeld.  Maar die twijfel immobiliseert hen niet.  Integendeel.  Zij doen voort.  Met gevaar voor eigen leven.  Dergelijke verhalen kunnen mij niet onberoerd laten.  Zij kruipen onder mijn vel.  Zij stellen mij die ene vraag.  Of ik ooit hetzelfde zou doen.  Of ik hetzelfde zou gedaan hebben.  Ik weet het niet.  Ik zwijg.  Uit respect voor zij die het wel deden.

 

U brengt niet enkel het verhaal van de Belgische vluchtelingen.  U doet meer.  Veel meer.  U toont op overtuigende wijze aan dat dit verhaal niet alleen een onderdeel is van de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog.  Dit verhaal is net zozeer onderdeel van een universeel vluchtelingenverhaal.  Als de namen wegvallen kan dit het verhaal van iedereen zijn.  Van elke vluchteling.  In elke tijdsperiode.  Uw verhaal krijgt op die manier ook een eigentijds karakter.  Aan het eind van uw boek stelt u het heel scherp.  U schrijft dat vluchten een afgedwongen keuze is die opgedrongen wordt door de uitspattingen van oneerlijke verhoudingen.  Uw verhaal dwingt ons op die manier na te denken over onze houding tegenover vluchtelingen.  Uw verhaal toont aan dat de vluchtelingen van vandaag ook misschien wel nood hebben aan meer helden.  Aan grotere helden.  Dat zij nood hebben aan pleitbezorgers.  Vurige pleitbezorgers.

 

Beste Sarah.  Na uw boek ging ik langs bij mijn ouders.  Ik vroeg mijn moeder nog eens haar verhaal te vertellen.  Nu was het anders.  Ik luisterde.  Ik luisterde echt.  Ik liet het verhaal niet zomaar passeren.  Ik nam elk woord in mij op.  Omdat ik nu besef dat haar verhaal ook een deel is van mij.  Van ons.  U hebt mij wakker geschud.  Met dit bijzonder interessante boek.  Met die hoeveelheid aan beklijvende verhalen.  Daarvoor wil ik u danken.  Van ganser harte.

 

Met vriendelijke groeten.


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Sarah De Vlam
een maand geleden

Beste Wim, een auteur kan niet verder dromen dan een recensie als de uwe te lezen. Maar nog belangrijker is dat het verhaal in het boek u heeft getroffen. En dat u bijdraagt aan het verspreiden van een vergeten oorlogsverhaal met actuele dimensies. Ik wil u daar hartelijk voor danken. Met vriendelijke groet uit de Pyreneeën, de auteur. Sarah De Vlam