Labiomista, gezien in Genk. Brief aan Koen Vanmechelen.

Gepubliceerd op 5 oktober 2020 om 12:32

Beste Koen,

 

In september gingen wij naar Zuid-Frankrijk. Eén weekje vakantie. Dat hadden wij zo gepland. Maar toen was daar die grote spelbreker. Corona stuurde alle plannen in de war. Zuid-Frankrijk bleek plots niet meer bereikbaar. Alles kleurde rood. Wij bleven thuis. Onze vakantieplannen werden bijgesteld. Wij zouden dichter bij huis blijven. Wij zouden reizen in eigen land. Alleen een bestemming dienden wij nog te zoeken. Dienden wij nog te vinden. In onze zoektocht herinnerde ik mij dat ene programma. Vive la vie met Karl Vannieuwkerke. Daarin was u te gast. Ik moet eerlijk zijn, vóór dat programma kende ik u enkel als die man met de kippen. Als de kunstenaar met die kippen. Na dat programma was alles anders. Ik had een ander beeld van u. Een vollediger beeld. Uw enthousiasme was overgeslagen op mij. Diezelfde avond wou ik nog in de wagen stappen en naar u toerijden. Dat was evenwel niet mogelijk. De gewijzigde vakantieplannen gaven mij nu wel die kans. Elk nadeel heb ook zijn voordeel. Dat gold ook nu. Wij kwamen naar u toe.

 

Labiomista. Zondagmorgen om tien uur stonden wij aan de poort. Wij gingen onmiddellijk binnen. Jawel, ik was nieuwsgierig. Meer dan nieuwsgierig. Als een klein kind stond ik te popelen. Wachten kon ik niet langer. Bijna meteen stond ik oog in oog met dat vreemde schepsel. Een aap en een uil, verenigd in één figuur. Deze gastheer vat eigenlijk samen waar het om gaat. Wijsheid en speelsheid horen samen te gaan. Dat zou de betrachting moeten zijn. Ik voel mij meteen aangesproken. Kinderlijke speelsheid heb ik al jaren in mij. Daarover waak ik. Ik wil het vasthouden en niet loslaten. Naar wijsheid ben ik al jaren op zoek. In een nooit aflatende zoektocht tracht ik wijsheid te verzamelen. Stukje bij beetje. Zachtjes aan. U had geen betere gastheer kunnen bedenken. Meteen vat ik sympathie op voor uw project. Ik had u nog nooit ontmoet. Toch leek het alsof wij een band hadden. In dat ene beeld meende ik een gemeenschappelijk streven te zien. Ik werd enkel nog nieuwsgieriger naar de rest. Ik wou verder. Naar Villa Opundi. Naar The Battery. Naar Labovo. Naar Nomadland. Naar …

 

Ik kwam naar Genk. Ik stapte een andere wereld binnen. Een betere wereld. Bijna zou ik zeggen een perfecte wereld. Maar perfectie bestaat niet. Zo werd het mij verteld. Wij kunnen enkel trachten die perfectie te benaderen. Dat is goed. Want perfectie maakt ons lui. Maakt ons minder alert. Eens wij de staat van perfectie hebben bereikt, zouden wij zelfgenoegzaam achterover leunen. Waardoor die staat van perfectie ongezien zou aangetast worden. Om die redenen zeg ik dat ik een bijna perfecte wereld binnenstapte. Een wereld waarmee ik mij verbonden voel.

 

In die wereld was u mijn gids. Wat ik normaal nooit doe, deed ik bij het binnengaan van LabIomista wel. Ik aanvaardde een audiogids. U stapte mijn gehoorgang binnen. U verklaarde. In een heldere taal. Uw werken, uw visie, alles werd in het juiste licht geplaatst. Terwijl u praatte kon ik enkel maar enthousiast knikken. Want wat u vertelde, klopte. Niks viel er op af te dingen. Ik zat op uw golflengte. Hier was geen enkele sprake van een mogelijke kloof tussen kunstenaar en publiek. U overbrugde die kloof. U stapte naar mij toe. Ik stapte naar u toe. Halverwege ontmoetten wij elkaar.

 

Ik loop doorheen het park. Hou halt op die punten waar ik in gesprek kan gaan met u. U praat. Ik luister. Beperk mij tot die enkele woordjes: ja, ja, ja, ja, … U tegenspreken hoeft niet. Integendeel. Ik wil u aanmoedigen nog meer te vertellen. Want wat u zegt, komt overeen met de manier waarop ik in de wereld sta. Met de manier waarop ik tegen de wereld aankijk. Wat u verbeeldt is verbinding. Op alle mogelijke manieren. Het verleden met het heden. Het heden met de toekomst. De wereld met de buurt. De buurt met de wereld. De natuur met de mens. De mens met de natuur. Grenzen doen er nauwelijks toe. We moeten voorbij die grenzen. Ook dat is één van uw stokpaardjes. Wij moeten ontmoeten. In de ander moeten we onszelf ontmoeten. En andersom. Uiteraard. Wij moeten de muren rond onszelf slopen. We moeten op de andere toestappen. Enkel op die manier zullen wij ons richten op wat ons verbindt en niet op wat ons scheidt. Ik luister naar u. Met overgave. Met elk woord krijg ik het warmer van binnen. Want ik realiseer mij plots hoe mooier de wereld zou kunnen zijn als uw visie ook werkelijkheid wordt. Als uw visie tastbaar wordt en zijn vertaling vindt naar de wereld buiten Labiomista.

 

Dat tastbaar maken tracht u te verwezenlijken. In de werkelijke wereld. U zet projecten op in het verre buitenland. In Afrika. In Azië. Gemeenschapsopbouw, onder die noemer kunnen die projecten geplaatst worden. Maar gemeenschappen opbouwen doet u niet enkel in die verre buitenlanden. U doet het ook dichter bij huis. Dat mocht ik ervaren op Nomadland. Ik zie hoe u de buurtbewoners deelgenoot maakt van uw project. Zij worden betrokken partij. De buurt doet zijn intrede. Er ontstaat een wisselwerking. Heerlijk om te zien. Heerlijk om hiervan getuige te zijn.

 

Verre reizen, het is alweer een tijdje geleden. Maar u liet mij voelen wat reizen werkelijk kan betekenen. U nam mij mee op de mooiste reis. Nooit zal ik vergeten wat ik mocht beleven in Labiomista. Wat ik mocht ervaren. Die herinneringen zetten zich vast in mij. Dat is goed. Het maakt het voor mij mogelijk terug te keren. Te herbeleven. Want dat doe ik. Labiomista laat mij niet meer los. Het wordt een deel van mij. Een deel dat mij nog blijer maakt als persoon. Nog hoopvoller. Nog positiever. Nog opener. Want plots begrijp ik het. De kippen. De arenden. Lama’s. Struisvogels. Dromedarissen. Alles komt samen. De dieren met uw kunstwerken komen tezamen in die visie. In uw visie. Zalig. Gewoonweg zalig.

 

Beste Koen. Via deze brief heb ik getracht neer te schrijven wat ik voelde. Het blijft slechts een poging. Het blijft slechts een benadering. Maar ik hoop dat u in deze poging mijn oprechte dankbaarheid leest. Dankbaarheid naar u toe. Dankbaarheid naar uw team toe. Want dat is wat ik eigenlijk wou. Ik wou u danken. Voor uw vakmanschap. Voor uw kunstenaarschap. Voor uw maatschappelijke betrokkenheid. Voor uw engagement. Dat ik hiervan deelgenoot mocht zijn, vind ik buitengewoon fantastisch. Mijn bezoek zindert nog altijd na. Ook voor die ‘nazinderingen’ wil ik u met alle plezier danken.

 

Met vriendelijke groeten.


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

christiaan stockx
2 maanden geleden

beste wim,
je hebt duidelijk de kracht van kunst en kunstenaar koen vanmechelen ervaren; mensen als koen zijn de échte zieners van dit universum waarin wij mensen (tijdelijk) deel mogen zijn. hou dat vast en trek of duw mee aan de kar !
(“joy & wisdom” woont in een blauw-witte marmerversie bij mij ! - hij/zij herinnert mij dagelijks aan onze opdracht !)
genegen groeten,
christiaan m.j. stockx
Opapa-bouwmeester
tip : luc vrielinck contacteren om een deel uit het dna boek met de hand over te schrijven = onvergetelijke ervaring

Frank Maesen
2 maanden geleden

Beste Wim,
Jij verwoordt exact het gevoel dat ik als kruisbestuiver voor Labiomista zeer vaak mag ervaren. Dank voor je mooie woorden. Tot op Labiomista of elders...

Wim Dries
2 maanden geleden

Beste naamgenoot,

Wat leuk te lezen dat je het bezoek aan Labiomista en Nomad Land in Genk zo positief ervaren hebt.

Altijd welkom in Genk!
Hartelijke groeten ,

Wim Dries
burgemeester