Uitgelezen: Wanneer de wereld slaapt. Brief aan Francesca Albanese.

Gepubliceerd op 5 november 2026 om 12:50

Beste Francesca,

 

Ik moet denken aan dat ene liedje van De Mens, Jeroen Brouwers – schrijft een boek.  In dat liedje zingt Frank Vander linden: Jeroen Brouwers schrijft een boek en hij doet dat goed.  Het kan toeval zijn maar ook u schreef een boek en ook u deed dat goed.  U deed het meer dan goed.  In deze korte inleiding wil ik u dat nu al meegeven.  Ik las uw meest recente boek, Wanneer de wereld slaapt.  U kan niet begrijpen waarom de wereld slaapt.  Waarom de wereld de ogen niet kan openhouden voor deze wond ter grootte van een compleet volk.  Een wond die niemand lijkt te willen behandelen of verzachten.  Welnu, dat kan ik ook niet begrijpen.  Vanuit dat onbegrip ging u een boek schrijven.  Vanuit datzelfde onbegrip ging ik uw boek lezen.

 

In mei 2024 schreef u Anatomie van een genocide.  U verwijst naar Ilan Pappé die de Israëlische praktijken in Gaza reeds in 2006 had bestempeld als een genocide die geleidelijk wordt opgevoerd que geweld en intensiteit.  In 2024 kon u dat nog schrijven.  Kon u dat nog zeggen.  Een jaar later is de repressie tegen uw boodschap, tegen uw functioneren en ook tegen uw persoon ongekend groot geworden.  Die repressie heeft een uiterst gewelddadige toon aangenomen.  Niet enkel tegen u.  Tegen betogingen.  Tegen bezettingen.  In uw boek geeft u hiervan tal van voorbeelden, waarbij de houding van Duitsland vaak terugkeert.

 

U gaat tegen de raderen van het systeem in.  U daagt uit.  U bevraagt.  Maar u staat niet alleen.  Er zijn gelijkgestemden.  Gelijkgezinden.  In uw boek geeft u aan tien mensen een stem.  Tien personen als spil voor uw verhalen.  Personen die u elk op hun eigen manier en vanuit hun eigen expertise iets essentieels hebben geleerd over Palestina.  Elk van die stemmen koppelt u aan een thema dat u noodzakelijk acht voor het begrijpen van de geschiedenis, het heden en de toekomst van Palestina.  Zo zal u schrijven over de Oude Stad.  Over apartheid.  Over de ruimtelijke ordening van een genocide.  Over het opgroeien van kinderen.  Over …

 

Tijdens uw reis, want dat is wat uw boek is, doet u twee ontdekkingen.  Vooreerst ontdekte u dat Palestina kan en moet besproken worden als een voortdurende onrechtmatige juridische kwestie, institutioneel en systemisch, en niet simpelweg als een politieke zaak met tegengestelde claims.  Een tweede ontdekking is dat u het recht ging bekijken door een kritische, dekoloniale bril door het te plaatsen in de historische evolutie die niet noodzakelijk is geschreven door de overwinnaars, maar bekeken vanuit het perspectief van de volken die het internationale recht hebben moeten ondergaan.  Wat u uiteindelijk met uw boek hoopt te bewerkstelligen is in duidelijke bewoordingen uit te leggen hoe flagrant onrechtvaardig de dagelijkse realiteit van de Palestijnen is.  Wat u met duidelijkheid bedoelt, geeft u al meteen aan bij het begin van uw boek.  Dit is geen conflict, schrijft u.  Dit is een oorlog.  Een oorlog die niet begon op 7 oktober 2023.  Die oorlog begon eerder.  Veel eerder.  Eén pagina verder benoemt u wat vandaag gebeurt.  Wat gisteren gebeurde.  Wat vorige jaren gebeurde.  U noemt het een regelrechte genocide.  Een regelrechte voortschrijdende genocide.

 

U bent onpartijdig.  Zo schrijft u dat u niet elke misdaad rechtvaardigt die de Palestijnen tegen Israëlische burgers hebben begaan tijdens hun jarenlange onderdrukking.  Hieraan koppelt u meteen de bemerking dat het geweld pas kan worden aangepakt als de oorzaken ervan worden weggenomen: onderdrukking en apartheid.  Tegelijk kadert u (alweer heel duidelijk) wat onpartijdigheid betekent als er mensenlevens op het spel staan.  Wat onpartijdigheid volgens u niet is, is doen alsof je geen mening hebt over dergelijke wreedheden, of dat je eventueel afstand tot beide partijen dient te houden, ook al zijn hun posities structureel en historisch ongelijk.  Wat onpartijdigheid volgens u dan wel is, is aan de kant gaan staan van het recht, de rechtvaardigheid en de slachtoffers.  Om te verdedigen wat juist is, om een stem te geven aan wie het zwijgen is opgelegd, om te strijden tegen de misstanden die onze wereld teisteren.

 

In deze brief schrijf ik over uw manier van denken.  Over uw manier van spreken.  Omdat ik merk hoe u die manier van denken en spreken samenbrengt in uw boek.  In uw schrijven bent u eerlijk.  U hebt het over een continu leerproces waarin uw gesprekspartners u uitdagen en dwingen uw standpunten bij te stellen.  Kennis is geen proces van verwerving, maar juist van geleidelijk loslaten en je ontdoen van vooroordelen.  

 

In uw boek schrijft u over de genocide.  Uiteraard.  U schrijft over het ontnemen van de kindertijd.  Over de verwoesting van de gehele gezondheidszorg.  Over het doden, vermoorden, martelen en vasthouden van zorgverleners.  U schrijft over de Israëlische storytelling.  Over het ideologische gebruik van de beschuldiging van antisemitisme, dat maar al te vaak wordt aangegrepen om gefundeerde kritiek of legitiem verzet tegen Israël en het zionisme het zwijgen op te leggen en zo de aandacht af te leiden van de mensenrechten van de Palestijnen.  U schrijft over onderdrukking.  Over de intentionele en ernstige ontneming van grondrechten op grond van een groepsidentiteit.  U schrijft over vestigingskolonialisme waarbij aan de ene kant de voorwaarden in de bezette gebieden worden verbeterd om de komst van nieuwe kolonisten aan te moedigen en het demografisch aandeel van de Israëliërs te verhogen terwijl aan de andere kant de levensvoorwaarden van het Palestijnse volk op alle manieren worden vernietigd.  U schrijft over de rol van de media.  Bij die rol geeft u aan dat het genocide-project als een ijsberg is.  Waarvan Israël slechts het zichtbare puntje is.  De rest van de ijsberg wordt gevormd door de structuur die de genocide mogelijk maakt.  Media en kranten zijn een deel van die structuur.  Heel misschien, denk ik dan, moet de media herinnerd worden aan uw definitie van onpartijdigheid als er mensenlevens op het spel staan.

 

Beste Francesca.  Aan het eind van uw boek pleit u voor het verspreiden van de juiste informatie om de onwetendheid te verslaan en de kennis te vergroten.  Want de onwetendheid is groot en de kennis is klein.  Van de journalistiek tot de academische wereld, en duidelijk ook van een heel groot deel van de politiek.  Daarom ben ik zo blij met uw boek.  Eigenlijk is uw boek een constante oproep tot strijd.  Tot alertheid.  Tot medemenselijkheid.  Want dat laatste is de kern van alles.  Het behouden van de medemenselijkheid, je best doen om de ander te blijven zien zonder te generaliseren, vormt op zich al een bijdrage in de strijd tegen genocide.  U zal niet lijden aan de wonden van de gevechten die u niet hebt gevoerd.  Want u hebt gevochten.  U vecht nog steeds.  Eén ding is zeker, ik lag te dommelen.  U hebt mij opnieuw wakker geschud.  Voor die standvastige en niet aflatende strijd, alsook voor die noodzakelijke wekker wil ik u bedanken.  Van ganser harte.  Dank dus.  Dank.  Dank.  Dank.

 

Met vriendelijke groeten.

Interessante links:
A Cartography of Genocide - Forensic Architecture.
The Palestinian experience behind and beyond bars - Francesca Albanese (UN).
Anatomy of a genocide - Francesca Albanese (UN).
Israel's apartheid against Palestinians - Amnesty International.
Israeli apartheid - Human Rights Watch.

We are not numbers.
Malak Mattar, kunstenares.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.

Maak jouw eigen website met JouwWeb