Uitgelezen: Mordechai. Brief aan Marcel Möring.

Gepubliceerd op 19 maart 2026 om 13:09

Beste Marcel,

 

Bijna dertig jaar terug las ik In Babylon.  Dat was mijn eerste kennismaking met uw werk. Ik kan niet zeggen waarom ik dat boek had gekocht.  Waarom ik dat boek las.  Ik vermoed dat het nieuwsgierigheid was.  Want nieuwsgierigheid is wat mij telkens weer naar boeken doet grijpen.  In de hoop verrast te worden.  In de hoop uitgedaagd te worden.  Het boek werd een ontdekking van u als schrijver.  Wanneer ik nu voor mijn boekenkast sta en ik zie dat boek, overvalt mij hetzelfde gevoel dat ik mocht ervaren bij het lezen.  Een blij en warm gevoel u gevonden te hebben.

 

Dertig jaar later hoopte ik dat gevoel opnieuw te mogen ervaren.  Het gevoel van ontdekking zou ik niet meer kunnen beleven.  Zoals ik eerder schreef, ik had u al gevonden.  Bevestiging van mijn eerdere ervaring, dat is wat ik hoopte te vinden.  Ik kan u nu al zeggen, bij het lezen van uw nieuwste boek ging ik opnieuw begrijpen waarom ik In Babylon zo een fantastisch boek vond.  Meer nog, uw nieuwste boek durf ik ook te omschrijven als een fantastisch boek.  Een boek omschrijven als fantastisch vraagt om verdere verduidelijking.  Een stelling moet bewezen worden.  Een mening dient onderbouwd te worden.  Deze brief eindigt dus nog niet.  Deze brief gaat nog even verder.

 

Hoofdpersonage in uw boek is Mordechai Gompertz.  Een succesrijk auteur en kanshebber op de Nobelprijs.  Volgens Mordechai was de wereld chaos en het enige wat alles bij elkaar kon houden, was een verhaal.  Een verhaal kan iemand transporteren naar wat nog niet bestond.  Een verhaal iemand voeren naar waar hij of zij nooit was.  Een verhaal kan iemand voeren naar een confrontatie met het andere.  Dat was het belangrijkste thema van zijn schrijverschap.  Wanneer zijn redacteur het idee opvat om naar aanleiding van zijn tweeënzeventigste verjaardag een biografie uit te brengen, komt dat thema onder druk te staan.  Het zorgt voor hoogspanning.  In die mate dat de schrijver tijdens een interview als voorbereiding op die biografie de interviewer buiten westen slaat.  Met die vuistslag begint uw boek.  Het maakt mij nieuwsgierig.  Ik wil weten wie die Mordechai is.  Ik wil lezen.

 

Wat volgt, is het levensverhaal van Mordechai.  Een beetje vreemd omdat het precies datgene is waartegen hij zich verzet.  Maar net dat brengt helderheid.  Biedt antwoorden.  Hij schakelt tussen heden en verleden.  Waardoor we niet enkel het verhaal van de schrijver krijgen maar ook het verhaal van zijn familie.  Het verhaal van één man wordt het verhaal van de wereld.  Van de geschiedenis.  Door dat verhaal neer te schrijven, schept Mordechai orde in de chaos.  Met die vaststelling komt hij dan toch tegemoet aan zijn idee over de functie van literatuur.

 

Mordechai ontdekt wat in hem leeft.  Een familie.  Het verleden.  Het heden.  De toekomst.  Hij ervaart hoe dat alles inwerkt op hem.  Het geeft hem een besef van verantwoordelijkheid.  Hij ontdekt al schrijvend hoe hij zijn uniciteit ontleent aan het bestaan van zijn voorouders.  Zijn hang naar volledige vrijheid en zijn neiging geen compromissen te sluiten, vinden hun oorsprong in wat hem voorafgaat.  Die persoonlijke ontdekkingsreis is heerlijk om te lezen.

 

Het verhaal verrast.  Het verhaal houdt mij vast.  Het verhaal grijpt mij aan.  Tegelijk daagt het verhaal mij uit.  Dat schrikt mij niet af.  Integendeel.  Dat is, zoals ik eerder in mijn inleiding schreef, waarop ik had gehoopt.  Die uitdagingen importeert Mordechai via een reeks van gedachten.  Gedachten die Mordechai integreert in het verhaal.  Met sommige gedachten kan ik mij onmiddellijk akkoord verklaren.  Dat kan ik als hij schrijft dat men een oorlog niet humaan kan maken, dat men een oorlog alleen maar kan afschaffen.  Dat kan ik als hij schrijft over de rol van literatuur in het maatschappelijk debat.  Over het eigenlijke debat, gevoerd door bekende Nederlanders, voetbalexperts en ex-sporters.  Andere gedachten dwingen mij dan weer om dieper na te denken.  Een onmiddellijke instemming volgt niet meteen.  Dat gebeurt als hij schrijft over de romantische, burgerlijke geluksfantasie.  Als die geen werkelijkheid wordt, spreekt men van onrechtvaardigheid.  Dat gebeurt als hij schrijft over de behoefte van politici om constant te communiceren met hun electoraat.  Als hij schrijft over het literaire circuit en publieke literaire persoonlijkheden.  Als hij schrijft over de futiliteit van het leven en hoe het leven een voortdurende herhaling is van modes, fascinaties, opvattingen en nieuwe vormen van geloof in de verwachting dat alles nu werkelijk zou veranderen terwijl er eigenlijk niets verandert.

 

U slaat wild om u heen.  Het lijkt wel alsof u Mordechai gebruikt om even te ventileren.  Alsof het levensverhaal van Mordechai slechts een excuus is om uw licht te laten schijnen over de toestand van de wereld.  Alsof u met dit verhaal ook orde in uw eigen hoofd wil scheppen.  Maar dat alles zou dan kunnen doen veronderstellen dat het verhaal van Mordechai slechts bijzaak is.  Dat is het geenszins niet.  Het verhaal staat op zichzelf.  De uitnodigingen tot reflectie en tot nadenken zijn een heerlijke aanvulling op het bijzonder knappe en overtuigende verhaal.

 

Beste Marcel.  U hebt mij opnieuw verrast.  U hebt mij opnieuw uitgedaagd.  In mijn boekenkast zal ik Mordechai naast In Babylon zetten.  Ik weet nu al dat er een glimlach zal verschijnen op mijn gezicht als ik voor die kast sta en mijn oog op uw nieuwste boek valt.  Want ik zal mij die leeservaring herinneren.  Ik zal mij die fijne tijd herinneren toen ik dat boek las.  Toen ik in dat boek zat.  Want dat is wat gebeurde, ik zat in uw boek.  Ik zat in het verhaal.  Daarvoor wil ik u danken.  Van ganser harte.  Dank dus.  Dank.  Dank.  Dank.

 

Met vriendelijke groeten.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.

Maak jouw eigen website met JouwWeb