Een jaar op zee, gezien op Eén. Brief aan Wim Lybaert.

Gepubliceerd op 3 april 2023 om 13:25

Beste Wim,

 

Als kleine jongen hoefde ik niet lang na te denken.  Ik zou visser worden.  Als dat niet mogelijk was, had ik al een uitweg.  Dan zou ik herder worden.  Daarover bestond geen enkele twijfel.  Als visser zag ik mij op een boot staan.  Uit te kijken over een oneindige zee.  Vrijheid, dat sprak mij aan.  Oudere en wijzere mensen durfden al eens te opperen dat vissen meer inhield dan dagdromend uitkijken over een zee.  Een zee die niet altijd rustig was.  Een zee die al eens woest en onstuimig kon zijn.  Ik schudde met mijn hoofd.  Zij konden mijn droom niet aan het wankelen brengen.  Mijn droom bleef intact.  Zelfs als oudere, wijzere en saaiere mensen mij attendeerden op de economische complicaties van mijn keuze.  Er moest immers brood op de plank komen.  Maar alweer schudde ik met mijn hoofd.  Alweer bleef mijn droom intact.

 

Naarmate ik groter werd, werd ook duidelijk dat die droom een kinderdroom was.  Mijn leven ging een andere richting uit.  Waarbij kinderdroom en werkelijkheid steeds verder uit elkaar gingen liggen.  Dat hoeft helemaal niet erg te zijn.  Vandaag ben ik een gelukkige jongen.  Ik heb de juiste keuzes gemaakt.  Nergens heb ik spijt over.  Toch kan het nog eens gebeuren.  Dat ik wegdroom en mij ergens op een boot zie staan.  Ik roep mij niet meteen tot de orde.  Ik ga mee in die droom.  Om dan heel zachtjes aan terug te keren naar de werkelijkheid en mijn leven verder te zetten.

 

U had ook die droom.  Op vierenvijftigjarige leeftijd kan u die droom realiseren.  Op vierenvijftigjarige leeftijd kan u die droom beleven.  U stapt de boot op.  U zal als visser met en onder de vissers leven.  Toch twijfelde u.  U hapte niet meteen toe.  U was ouder en wijzer.  Dan durft men al eens na te denken.  U deed dat.  U ging vooraf praten met oud-vissers.  Om na te gaan of het vissersleven ook voor u kon weggelegd zijn.  Zij stelden u gerust.  U zou voldoen.  U zou kunnen slagen als visser indien u aan een aantal voorwaarden zou voldoen.  Die somden zij op.  U luisterde en meende dat u aan die voorwaarden zou kunnen voldoen.  U zou niet meegaan als toerist.  U zou meegaan als visser.  U zou doen wat een visser doet.

 

U stapt de boot op.  Meteen gebeurt wat vissers en oud-vissers gezegd hebben.  U wordt opgenomen in die kleine gemeenschap.  Die kleine gemeenschap aan boord.  Geen vreemde blikken.  Geen opgetrokken wenkbrauwen.  Enkel open armen.  Enkel warme woorden.  Wat voor mij een handicap zou zijn, is het voor u niet.  U beheerst de taal.  U beheerst het West-Vlaams.  U beheerst de taal van de vissers.  Ik moet eerlijk zijn, het West-Vlaams vind ik een eigenaardig dialect.  Al te vaak begrijp ik het niet.  Finesses en nuances ontgaan mij al te vaak.  Om die reden zou ik kunnen hopen dat er zou gekozen worden voor een tussentaal.  Zodat iedereen het kan begrijpen.  Zodat iedereen het kan volgen.  Maar na de eerste aflevering ben ik blij dat die keuze nooit overwogen werd.  Het West-Vlaams is hier meer dan op zijn plaats.  Zo hoort het.  Zo moet het.  Dat dialect vergroot nog de charme van de vissers.  In hun taaltje overtuigen zij nog meer.  Dat taaltje maakt hen echter.  Al die willen te kaap’ren varen, moeten mannen met baarden zijn.  Zo heb ik het altijd gezongen.  Maar nu weet ik meer.  Nu weet ik ook dat al die willen te kaap’ren varen, West-Vlaams moeten praten.

 

Nog maar één aflevering heb ik gezien en ik ben wild van het programma.  Mijn hart heb ik opengezet en ik laat de vissers binnenmarcheren.  Ik luister naar hun verhalen.  Ik luister naar hun avonturen.  Op de boot.  Aan wal.  Dit zijn echte mannen.  Dit zijn echte vrouwen.  Met het hart op de tong.  What you see is what you get.  Ik kijk en luister naar die eerlijkheid.  Naar die openheid.  Ik kijk en luister en kan enkel maar hopen dat iedereen een beetje meer visser zou zijn.  Dat iedereen wat meer die visser (die ergens diep in zich verscholen zit) zou aanspreken.  Ik durf te denken dat de wereld dan heel waarschijnlijk wat mooier zou zijn.  Wat echter zou.  Wat minder saai zou zijn.

 

Ik kijk naar u en de vissers en moet vaststellen dat mijn kinderdroom gelukkig slechts een kinderdroom gebleven is.  Ik zou het niet kunnen.  Ik stel vast dat het uitkijken over uitgestrekte wateren op een boot bijna onbestaande is.  Er moet gewerkt worden.  Er moet hard gewerkt worden.  Om de drie uur moet de vis binnengehaald worden.  Om dan gekuist en gesorteerd te worden.  Rusten kan niet altijd gegarandeerd worden.  Het werk heeft voorrang.  Het werk bepaalt de agenda.  Ik kijk en kan enkel maar bewonderen.  Die inzet.  Die overgave.  Die passie.  Mijn mond valt open.  Mijn respect groeit voor een van de oudste beroepen ter wereld.  Wat op een boot gebeurt, had ik als kind nooit vermoed.  Had ik zelfs als volwassene nooit vermoed.  Pas nu weet ik het.  Pas nu besef ik het.  Dit is hard labeur.  Dit is een harde stiel.

 

U toont de dingen zoals ze zijn.  U verhult niet.  U toont uw angsten.  U toont uw claustrofobie.  U toont uw aarzeling.  U toont uw twijfel.  Dat alles komt aan bod in uw zoektocht naar een plek op die boot.  Een juiste plek voor u.  Dat lukt niet meteen.  Het gaat met vallen en opstaan.  U geeft grenzen aan maar tracht toch die grenzen te slopen.  Want u herinnert zich die woorden van een oud-visser.  U zal visser onder de vissers moeten zijn.  Enkel zo kan het lukken.  Dus gaat u aan de slag.  Dus begint u uw zoektocht.  Maar u staat niet alleen.  Telkens is er iemand van de bemanning die u te hulp snelt.  Die zegt of toont hoe het moet.  Die u geruststelt of aanmoedigt.  Die u bevestiging geeft.  Die u zegt dat het goed is.  Die wisselwerking is heerlijk om te zien.  In die wisselwerking zie ik dat ruwe bolsters een klein hartje hebben. 

 

Beste Wim.  Ik vond het jammer toen u besloot de Columbus op stal te laten.  Ik vond het jammer toen u besloot andere uitdagingen te zoeken.  Na de eerste aflevering van Eén jaar op zee kan ik dat besluit enkel maar toejuichen.  Ik kan enkel maar toejuichen dat u het realiseren van uw kinderdroom wou toevertrouwen aan het scherm.  Ik leerde een wereld kennen die mij totaal onbekend was.  Ik leerde de visser kennen die ergens in u schuilde.  Al jarenlang.  Ik zag hoe u die visser nu eindelijk vrijliet.  Daarvan getuige te mogen zijn, is een heerlijk voorrecht.  Ik geniet.  Ik zal genieten.  Voor dat alles wil ik u danken.  Van ganser harte.

 

Met vriendelijke groeten.

Reactie plaatsen

Reacties

Luc Delanote
een jaar geleden

Prachtig artikel alsook prachtig programma.
Chapeau aan Wim Libert. Meer van dat op TV aub!

Ad Jeroense
een jaar geleden

Deel 1 & 2 gezien leuke docu over het leven aan boord

Vens johny
een jaar geleden

Nu op pensioen ben zeeman geweest op de langeomvaard koopvaardij.

GOES INGRID
een jaar geleden

Het is inderdaad een erg mooi programma ,ikzelf kom uit een vissersfamilie en het doet zo'n deugd dat te zien .Mijn vader is nog ijslandvaarder geweest ,maar wij hoorden nooit iets over het harde leven aan boord.Leve onze vissers!!

Reynaert C.
een jaar geleden

Uw brief leest alsof u mijn gedachten hebt neergepend. Prachtig verwoord en volledig terecht! Behalve dan dat stukje over de voertaal: doar en'k ik ging ienkel problèèm mee ;)

Luc Verhaeven
een jaar geleden

Bedankt dat ik aan dit programma een steentje kunnen bijdragen heb. Het voldoet veel meer dan aan de verwachtingen. Voor velen een onbekende wereld: afzien, voldoening, emoties, heimwee en vriendschap: een amalgaan die het leven van de vissers is. Maar ondanks dit een droomjob.
Dit programma is een aanrader, een must voor onze jongeren, een uitnodiging... vol bewondering voor onze vissers.
Geniet ervan!

Jacques kerkhof
een jaar geleden

Het is inderdaad een leuk programma geworden, ik kom zelf uit een binnenschippersfamilie derde generatie. Door omstandigheden ben ik nu aan de wal aan het werk. Een aantal zaken zijn erkenbaar maar het leven op zee in de visserij is hard maar ziet er ook tof uit.
Doe zo voort en werk vooral veilig jongens!

Agnes Cottyn
10 maanden geleden

Wim wat een prach brief,Je hebt een gouden pen.ik ben een Oud-Beijerland van 86jaar ,maar volgens mij zijn we twee gelijkgestemde zielen…..brieven schrijven en boeken,,en goede televisie.

Jesse
een maand geleden

Zou de serie graag willen zien maar k kan hem niet bekijken in Nederland