Uitgelezen: De slaap die geen uren kent. Brief aan Sebastiaan Chabot.

Gepubliceerd op 9 december 2020 om 13:06

Beste Sebastiaan,

 

U volgde in New York de master Creative Writing. U studeerde af bij Jonathan Safran Foer. Jonathan Safran Foer? Van hem las ik Alles is verlicht. Van hem las ik Extreem luid & ongelooflijk dichtbij. Van beide boeken was ik behoorlijk onder de indruk. In die mate dat ik hem tot één van mijn favoriete auteurs ging rekenen. Met die schrijver hebt u een link. Dat maakte mij nieuwsgierig. Ik ging uw debuut lezen.

 

U vertelt het verhaal van één familie. Vier generaties. In uw verhaal schakelt u vlotjes tussen de verschillende generaties. Dat vraagt een zekere alertheid. De lezer moet wakker blijven. Mag zichzelf niet toestaan in te dommelen. Maar dat is goed. Ik heb het niet zo begrepen op indommelliteratuur. Indommelen mag wel. Maar niet als er gelezen wordt. Dat zou zonde zijn. Dat zou bijna doodzonde zijn. Ik doe het dus niet. Ik blijf alert. Ik volg u in uw schakelen. Toegegeven, soms moet ik even teruggrijpen naar wat ik las. Om zeker te zijn dat het overgrootvader is. Of grootvader. Of vader. Of de zonen. Die positiebepaling is noodzakelijk. Om in het verhaal te blijven.

 

Centraal in het verhaal staat het worstelen. Het worstelen met de vraag of het noodzakelijk is herinnerd te worden. Sommigen zullen herinnerd worden omwille van de kleine dingen. Anderen zullen net herinnerd worden omwille van de grote dingen. Nog anderen zullen zelfs helemaal niet herinnerd worden. In de vier generaties binnen die ene familie stelt elkeen zich die vraag. Het beantwoorden van die vraag kan nochtans behoorlijke implicaties hebben. Het kiezen van een kamp zadelt overgrootvader en grootvader met een fout oorlogsverleden op. De drang herinnerd te worden plaatste hen aan de verkeerde kant van de geschiedenis. Dat het ook anders kan, bewijst dan weer de zoon. Hij meent dat het makkelijker is geen deel uit te maken van iets sterks. Van iets groots. Van geen enkele kant of partij. Simpelweg zijn werk doen, dat zou voor hem genoeg moeten zijn.

 

Terwijl ik uw boek lees, dringt die vraag zich ook aan mij op. Wil ik herinnerd worden? Ik weet het niet. Ik denk het wel. Ik wil iets achterlaten. Ik wil beroeren. Ik wil ontroeren. Zodat anderen mij herinneren. Dat is geen bewuste keuze. Ik streef het niet dagelijks na. Ik leef. Ik doe dingen. In die dingen wil ik iets achterlaten. Iets dat bij anderen blijft hangen. Misschien kan mijn houding verklaard worden omdat ik geen kinderen heb. Kinderen zullen mij niet herinneren. Ik moet dus op zoek naar alternatieven. Naar andere wegen om iets te zaaien. Om iets te planten. Ik stelde mij die vragen reeds eerder. Met het ouder worden, wordt die vraag urgenter. Uw boek confronteerde mij met die vraag. Een antwoord heb ik niet op die vraag. Nog niet. Toch niet volledig. Toch niet klaar en duidelijk. Misschien kan mijn blog een antwoord zijn op die vraag. Misschien kunnen mijn brieven een antwoord zijn op die vraag. Misschien kan mijn liefde een antwoord zijn op die vraag. Misschien kan mijn engagement naar vrienden een antwoord zijn op die vraag. Ik weet het niet. Nog niet.

 

Bij het begin had ik sympathie voor Kurt Victor Karl Kuschfeld. De overgrootvader. Die sympathie weet u bij mij los te weken. Door de manier waarop u hem portretteert. Maar al snel wordt aan die sympathie gevreten. Geknaagd. De overgrootvader zou een fout verleden hebben. Een fout oorlogsverleden. Net als de grootvader. Dat verandert alles. Weg is de sympathie. Meer nog, ik wil weten. Ik wil weten wat er precies gebeurd is. Wat zij precies gedaan hebben. De vader heeft dat ook. In den beginne. Hij gaat op onderzoek uit. Hij confronteert zijn vader. Al snel geeft hij evenwel zijn plannen op. Geen onderzoek meer. Hij lijkt te twijfelen of een confrontatie met het verleden echt wel nodig is. Moet hij de feiten gewoon erkennen. Zondermeer. Moet hij de feiten verzwijgen en daardoor eigenlijk liegen. Moet hij gewoon voort blijven doen zoals voorheen en dan maar niet bevragen.

 

Het verleden houdt een familie in zijn greep. De overgrootvader. De grootvader. De vader. Zelfs de zoon stelt vragen. Voor vader en zoon lijkt dat familieverleden één groot vraagteken. Tot de zoon een daad stelt. Tot de zoon dat enge schilderij van zijn overgrootvader in de hall verbrandt in de tuin. Omdat het hem angst aanjaagt. Met het verbranden komen vragen los. Vragen die een antwoord behoeven. Of toch niet behoeven. Er wordt getwijfeld. Tussen berusten en oprakelen. Tussen zwijgen en spreken. Tussen verantwoording of wegkijken.

 

Uw boek is een vreemd boek. Een verwarrend boek. Ik verwachtte een verhaal. Een afgelijnd verhaal. Een duidelijk verhaal. Maar dat krijg ik niet. Dat genoegen schenkt u mij niet. Ik zou het u kwalijk kunnen nemen. Toch doe ik dat niet. Omdat ik meen dat u oprecht koos voor dat onafgewerkte. Voor die brokkelige structuur. Omdat ik meen dat die onaffe structuur een illustratie is van het oorlogsverleden van de familie. Vele dingen zijn niet geweten. Vele dingen worden niet verteld. Net zoals vader en zoon met vragen achterblijven, blijf ik als lezer ook achter met onbeantwoorde vragen. U heeft de thematiek van uw boek ook verpakt in de opbouw van uw verhaal. In het uitschrijven van uw verhaal.

 

U schonk mij geen helder verhaal. Bewust, zo vermoed ik. Dat schreef ik reeds. Wat u mij wel schonk was een heldere taal. Was een mooie taal. In uw schrijven pluk ik de vruchten van uw master Creative Writing. Dat vermoed ik. Want u schrijft op een verbluffend mooie wijze. Uw woorden maken dingen tot leven. Uw woorden toveren de dingen voor mijn ogen. Alsof zij levensecht zijn. Aan uw schrijfstijl heb ik mij gelaafd. Van uw schrijfstijl heb ik genoten. Die bijna unieke schrijfstijl doet mij hopen dat er nog veel boeken zullen volgen.

 

Beste Sebastiaan. Ik wil u danken voor uw prachtige debuut. Voor uw bijzondere verhaal. Voor de confronterende vragen. U bezorgde mij een intense leeservaring. Voor dat alles wil ik u dus danken. Van ganser harte.

 

Met vriendelijke groeten.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.